Waarom wordt pensioen bij een echtscheiding zo slecht geregeld?

Ik begon aan deze column op 20 maart, de dag van het geluk! Op de radio hoorde ik dat mensen mét een relatie gelukkiger zijn dan zonder, maar ook dat alleenstaanden weer gelukkiger zijn dan mensen in een slechte relatie. Hoe het ook zij, nu de economie weer aantrekt wordt er weer volop ‘gescheiden’. Het kan immers weer betaald worden (alimentatie, verkoop huis etc.).

De Wet Verevening Pensioenrechten bij Scheiding geldt al vanaf 1 mei 1995. Je zou dus verwachten dat pensioen dan een ‘appeltje-eitje’ is bij een echtscheiding.

Niets is echter minder waar. Twee recente voorbeelden. In een convenant uit 2010 stond niets over pensioen?! Op zich maakt dat niet uit, de wet is immers de wet, maar de vereveningsgerechtigde heeft dus ook niet de uitvoerder geïnformeerd binnen twee jaar om het pensioen te zijner tijd rechtstreeks uitbetaald te krijgen. Nu moet ze weer ‘aankloppen’ bij haar ex. Deze ex blijkt ook nog pensioen in eigen beheer te hebben opgebouwd, waar geen info over is. Tot slot zijn er ‘schimmige’ afspraken gemaakt inzake een paar losse (lijfrente)verzekeringen. Conclusie: het hele ‘pensioendossier’ is genegeerd en partijen moeten opnieuw met elkaar in gesprek (en dat wordt discussie).

Een ander geval is waarbij de vereveningsplichtige stelt dat de vereveningsgerechtigde heeft afgezien van verevening. Máár, dat staat niet in de huwelijkse voorwaarden én ook niet in het echtscheidingsconvenant (dat overigens nooit definitief is opgemaakt). Tja, dan is de wet toch gewoon de wet. Vijf jaar na dato is het nog niet geregeld.

Verder is in deze zaak de waarde van de aandelen van de gezamenlijke BV berekend op basis van een vaste waarde van het pensioen…. in 2010. Nu blijkt na vijf jaar dat het pensioen aanzienlijk ‘duurder’ is (gezien de gedaalde marktrente), ontstaat er veel discussie over de afwikkeling. Waarbij ook fiscale en verzekeringstechnische aspecten komen kijken. Dit had eenvoudig getackeld kunnen worden door de waarde van de aandelen vast te stellen rekening houdende met een ‘variabele’ pensioenwaarde en duidelijke afspraken te maken over de verevening in combinatie met afstorting.

Zeker gezien het grote aantal tweeverdieners en verschuivende pensioenleeftijden moet mijns inziens steeds vaker (echte) conversie als serieuze optie besproken worden. Dan zijn partijen definitief van elkaar af en worden niet geconfronteerd met langer doorwerken door de een, met als gevolg (nog) geen pensioen voor de ander.

Juist als het gaat om zaken die níet direct ‘zichtbaar zijn’ (pensioen is immers úitgesteld loon en door toepassing van de Wet VPS veranderd er nú niets), lijkt mij dat de taak van een advocaat om daar meer dan gemiddeld aandacht voor te hebben.

Zoals u tot slot weet is per 1 april jl. de Wet Uitfasering pensioen in eigen beheer in werking getreden. Voor gescheiden DGA’s geeft deze wet mooie nieuwe mogelijkheden om wat ‘omissies’ uit het verleden alsnog op te lossen!

Meer weten over pensioen & echtscheiding? Ik hoor graag van u!

En wellicht is onze dienst EchtscheidingsMember een mooie aanvulling op uw dienstverlening: EchtscheidingsMember

Pensioen-Echtscheiding

Dit is een column van mr. Theo Gommer MPLA. Oprichter van en pensioenadvocaat bij Gommer & Partners Pensioen Advocaten.
En al 15 jaar trotse partner van Balieplus.

Theo Gommer MPLA, theogommer@gommeradvocaten.nl